Sinds 1 januari 2026 is het overgangsrecht van de Omgevingswet vervallen. Dat heeft directe gevolgen voor iedereen die wil verbouwen: alle bouwplannen moeten nu volledig voldoen aan de actuele regels van het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Per 1 januari 2026 is het overgangsrecht van de Omgevingswet definitief vervallen. Dat betekent dat u bij een verbouwing niet langer kunt terugvallen op oude bouwbesluiten of verouderde regelgeving. Alle bouwplannen moeten vanaf nu voldoen aan de huidige eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), inclusief de bijgewerkte normen voor isolatiewaarden, brandveiligheid en maatvoering. Ook het tijdelijke TAM-IMRO-systeem voor ruimtelijke ordening is per die datum stopgezet; vergunningprocedures verlopen nu uitsluitend via het lokale omgevingsplan.
Onder de Omgevingswet is de omgevingsvergunning opgesplitst in twee onderdelen, ook wel de 'knip' genoemd. Het eerste deel is de omgevingsplanactiviteit (OPA): de gemeente beoordeelt of uw verbouwing past binnen het lokale omgevingsplan, voldoet aan welstandseisen en geen onredelijke hinder voor omwonenden veroorzaakt. Het tweede deel is de technische bouwactiviteit (TBA): hierbij gaat het om de bouwtechnische kwaliteit, zoals constructieve veiligheid en duurzaamheid. Voor de meeste particuliere verbouwingen in gevolgklasse 1 toetst de gemeente dit niet meer vooraf. In plaats daarvan bent u verplicht een onafhankelijke kwaliteitsborger in te schakelen, conform de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb).
Een vergunning is in ieder geval verplicht als uw verbouwing het uiterlijk, de draagconstructie of het gebruik van de woning wijzigt. Wilt u een draagmuur verwijderen of een stalen balk plaatsen, dan is altijd een vergunning én een constructieberekening vereist. Voor aanbouwen en dakkapellen gelden specifieke maatvoeringsregels, afhankelijk van de ligging op het perceel. Verbouwingen aan de voorzijde van de woning of in een beschermd stadsgezicht zijn vrijwel altijd vergunningplichtig. Raadpleeg altijd het omgevingsplan van uw gemeente via het Omgevingsloket om zeker te weten wat voor uw specifieke situatie geldt.
De aanvraag verloopt digitaal via het Omgevingsloket op omgevingswet.overheid.nl. Voer eerst een vergunningcheck uit met uw adres en de geplande werkzaamheden. Verzamel daarna de benodigde documenten: bouwkundige tekeningen op schaal 1:100, constructieberekeningen, een situatietekening en foto's van de huidige situatie. Nieuw onder de Omgevingswet is de participatieplicht: u moet buren en andere belanghebbenden informeren en betrekken bij uw plannen voordat u de aanvraag indient. De gemeente beslist doorgaans binnen acht weken, met een mogelijke verlenging van zes weken.
Bouwen zonder de vereiste vergunning of in strijd met het omgevingsplan kan ernstige gevolgen hebben. De gemeente kan een bouwstop opleggen, boetes uitschrijven tot 50.000 euro of u verplichten de verbouwing op eigen kosten ongedaan te maken. Twijfelt u of uw plannen vergunningplichtig zijn? Vraag dan vooraf een vooroverleg aan bij uw gemeente of schakel een bouwkundig adviseur in. Zo voorkomt u verrassingen en bent u zeker dat uw verbouwing voldoet aan alle actuele eisen.
Hulp nodig bij uw bouwplan?
Bereken direct uw prijs of laat uw plan kosteloos toetsen op vergunningplicht. Onze specialisten denken graag met u mee.

